Sterf voordat je sterft

Sterf voordat je sterft

Meer dan 46 schijnbare jaren lang voelde en geloofde ‘ik’ dat ‘ik’ een leven had. Dat ik iemand was met controle en vrije wil, dat dit ‘mijn’ leven was. ‘Ik’ had nooit, maar dan ook nooit gedacht dat ‘ik’ op een dag zou sterven in een levend lichaam. Hoewel er een diep verlangen was om vrij te zijn en een intens zoeken met een overtuiging van enorm mentaal lijden, had ik vóór het schijnbare wegvallen van het ‘ik’ nog nooit van spiritualiteit of non-dualiteit gehoord — laat staan dat dit lichaam ooit deze boodschap zou delen. Dit is geen nieuwe boodschap. Volgens de verhalen die er schijnen te zijn, is ‘deze boodschap’ (niet dat er één is) al eeuwen geuit. Mensen werden ervoor gekruisigd, op de brandstapel gezet, levend verbrand! Er is nog niet veel veranderd. De meeste mensen zijn niet klaar om te horen dat er niemand is. De zogenaamde samenleving is hier niet klaar voor. Wanneer die afgescheiden dualistische droom van ‘mij’ er niet meer is, is dat wezen niet langer gehypnotiseerd door geld, carrière of al die dingen die zo waardevol en belangrijk leken te zijn. Paradoxaal genoeg kan er, wanneer ‘ik’ er niet meer is, een diepere liefde en zorg zijn — een diepe liefde en een diep mededogen om dit te delen: hoe het leven verstoppertje speelt met zichzelf, en hoe absolute vrijheid zich onthult wanneer er een bereidheid is dat ‘ik’ sterft in een schijnbaar levend lichaam.

Veel liefs, 🩶
N.R.